24. Veldexcursie

Gepubliceerd op 13 februari 2021 om 08:47

Omdat we even klaar waren met de tours waarvoor we 's nachts opmoeten en die steevast de lokale ijsboerderij aandoen, gingen we zelf op excursie. Er was iets met een eiland hier voor de kust, Magnetic island. Een tropisch eiland met witte stranden, wuivende palmen en blauwe zee, op zich niks bijzonders. Tot we horen dat er koala's in het wild te zien zijn. Frieda en ik besluiten een veldexcursie te plannen om de koala in zijn of haar natuurlijke habitat te observeren. Dat we daarvoor naar een tropisch eiland met witte stranden moeten, is mooi meegenomen. Alles voor de wetenschap.

 

Dat er geen 3 of 4g ontvangst is, dus even geen olympische radio incasseert Frieda sportief. Een beetje bioloog huurt geen auto, maar neemt de benenwagen of de bus. De supersnelle pont brengt ons in 20 wilde, enigszins natte minuten naar Magnetic island, dat er prachtig zonnig en rotsachtig uitziet. De bus, waar we voor slechts drie dollar de hele dag gebruik van mogen maken, wacht ons op. De Duitsers achter ons spreken hun waardering uit voor dit efficiënte systeem, dat wil wat zeggen.

Na 15 pittoreske busminuten roept de buschauffeur om dat we er zijn. Bij de door ons uitgekozen wandeling dus, want bij de forten op dit eiland worden de meeste koala's waargenomen. Omdat we eigenlijk nogal moeten plassen en alle tijd hebben, lopen we eerst een half uur naar de dichtstbijzijnde WC en weer een half uur terug. Zonde? Nooit, want Frieda en ik weten maar al te goed dat we op dit soort zijwegen van het leven de prachtigste dingen meemaken. Dit keer een van de mooiste tropische stranden helemaal voor ons alleen en een ruimhartig groepje Australische senioren vol leuke verhalen. Van hen mogen we de volgende keer best in de bosjes plassen. Goed om te weten.
Als we onze eigenlijke wandeling starten zijn we door en door bezweet. Het is hier loeiheet en de UV-straling is voelbaar op mijn huid. Met pet, zonnebril, doek in mijn nek en dik in de zonnebrand gaat het net, hartje winter. Gelukkig staat er een straffe zeewind.

Het ruikt naar eucalyptus. Ik hoor het ruisen van zee, het geritsel van blad en het geluid van huur-vierwieldrivejes die in de verkeerde versnelling de berg op gereden worden. Hoewel onze wandeling langs fortoverblijfselen van de tweede wereldoorlog voert hebben wij alleen oog voor de eucalyptusbomen. Iedere verdikking zien we aan voor een koala, maar blijkt bij nader inzien een nest of vergroeiing. Ik stel me in op een lange observatietocht en ben vastberaden om de koala te spotten, voor Frieda en voor mezelf. Dan zien we een groepje mensen onder een eucalyptusboom, dat kan maar één ding betekenen.

 

Zo stil als ik kan sluip ik op mijn bergschoenen door het zand dichterbij. Twee kraaloogjes staren me onbewogen en direct aan. Een koala van best pittig formaat omklemt stevig een tak van de boom en doet verder helemaal niets. Tenminste zo lijkt het voor mij, want Frieda roept opgetogen "Oh, hij is wakker!". Een koala met zijn ogen open is blijkbaar al heel wat. Dan zien we het jonkie erachter op een tak. Een pluizige miniversie van zijn ontzettend schattige moeder. De overdadige aandacht van de fotografen onder de boom doet hen ogenschijnlijk niets, maar als een van de omstanders te dichtbij komt pakt de moeder haar jong en omklemt het stevig tegen haar buik. Zo ben ik op slechts drie meter afstand getuige van de moederliefde van de koala. Ik kan mijn ogen er niet vanaf houden.

Met nog meer van dit soort aanzichten in het vooruitzicht lopen we verder. We worden getrakteerd op het ene na het andere bijzondere uitzicht, maar koala's zien we niet meer. Behalve op de terugweg, de koalamoeder met jong zit nog op precies dezelfde plek alleen nu met een andere groep fotografen eronder. Weer wordt mijn blik naar die bol grijze pluizigheid gezogen. Ze zijn best groot voor die kleine bomen en deze zit ook helemaal niet zo hoog. En ze hollen ook niet weg als je eraan komt. Toch is het een godsgeschenk dat we er zomaar twee zien.

Terug bij de bushalte besluiten we het eiland verder te verkennen. Uiteraard komen we het groepje Australische senioren weer tegen. Zo werkt dat nou eenmaal. De bus blijkt precies dezelfde als die ons hierheen bracht. Het hele openbaar vervoer van Magnetic island bestaat uit twee bussen en twee chauffeurs die alle ritten verzorgen. Met een Jamaicaans muziekje op de achtergrond rijden we naar Horseshoe bay. Weer een tropisch wit strand met waarschuwingsbord voor vallende kokosnoten. Een uitgelezen plek voor een cocktailtje, of twee. Ik voel de allerlaatste restjes spanning van me wegglijden. Tijdens de busrit terug naar de pont word ik overmand door diep geluk. Geen idee waarom precies op dat moment eigenlijk. Misschien is het combinatie van het prachtige eiland, de koala, samen met Frieda, de muziek van Phil Collins die krakend door de bus klinkt en de naweeën van de cocktails. Met of zonder reden, ik voel me intens gelukkig.

De boot brengt ons soepel en snel terug naar de wal waar we direct langs de oceaan naar een restaurantje slenteren. Als we na het eten teruglopen is het donker en bijna volle maan. Zilverachtig schijnt het licht op het donkere water. In ons hotel duiken we nog even het casino in, omdat we er toch zijn. En inderdaad met korte broek, T-shirt en sportschoenen zien we er blijkbaar netjes uit. Maar de chaos van flikkerende lichtjes, slogans met zoveel miljoen $$$$ te winnen en bliep-katsjing geluidjes hebben op ons geen vat. Wij hebben ons geluk al op zak.

Nog één nacht in Townsville, morgen gaan we verder. Nergens zijn we lang genoeg om het zat te worden. Steeds een nieuwe omgeving, nieuwe mensen, nieuwe ervaringen. Ik ben losser hier, hak makkelijker een knoop door en probeer van alles uit. Zou dit zijn wat mensen bedoelen met loslaten? Geen idee wat dat is eigenlijk, maar het wordt me vaak als goedbedoeld advies gegeven, dat ik het maar even moet loslaten. Absoluut geen flauw benul wat dat is of hoe dat moet. Zou het betekenen dat ik even lekker op reis moet gaan.... ?

Verstuurd met twee koala's op de teller